home
Oude Kerk Voorburg
Oude Kerk Voorburg 1
  • Zo 05 Feb - 10:00 - ds. A. Sterrenburg >>>
aankondiging
Protestantse Gemeente Voorburg
Home Wijkgemeente Darwin contra Genesis?
Darwin contra Genesis? Print

Geweldig, dat oude wereldbeeld waarvan schrijvers als die van het boek Genesis lijken uit te gaan. De wateren die moeten wijken voor een leefbare aarde. Om te beginnen doordat God een gewelf (uitspansel) schept, een beschermend dak boven de aarde, dat de watermassa erboven tegenhoudt (Gen. 1: 6-8). In het zondvloedverhaal opent God de sluizen van deze beschermende hemelkoepel (Gen. 7: 10) , zodat het gaat stortregenen en de aarde weer onleefbaar wordt en de schepping als het ware wordt teruggedraaid. Maar als God aan Noach denkt en alle dieren sluit Hij de sluizen weer in de hemel en de bronnen van de wateren onder de aarde, zodat het ophoudt met regenen en de aarde weer droog valt (Gen. 8:2). Het is dus God en niemand anders die voor ons deze leefbare aarde geschapen heeft en ons beschermt, zo vertelt mij de bijbelschrijver met dat mooie beeld van de op pilaren steunende aarde met dat beschermende hemelgewelf.

En zeg nu niet, dat het een primitief wereldbeeld is. Dat we daar vandaag de dag niets meer mee zouden kunnen. Dat het achterhaald is door de wetenschap. Want dit zogenaamde primitieve wereldbeeld heeft voor mij een grote zeggingskracht. Nee, niet omdat ik geloof, dat het een getrouwe weergave biedt van hoe onze aarde eruit ziet en is opgebouwd. Ik weet ook wel dat de aarde geen plat vlak is, maar bolvormig. Ook dat het niet regent, omdat er sluizen geopend worden in een beschermende hemelkoepel. Natuurwetenschappelijk is dat onzin. Maar de schrijver van Genesis hanteert dit beeld vrijmoedig om er de boodschap mee door te geven, dat wij mogen geloven in een God die de Schepper is van een leefbare ruimte voor mens, plant en dier. En die daar tot op de dag van vandaag zijn bescherming aan biedt. Hij wil niet bewijzen, maar belijden. Het gaat hem niet om een volkomen betrouwbare weergave van hoe God ooit alles tot stand heeft gebracht, zodat wetenschappers de bijbel maar hoeven op te slaan, om dat te kunnen vertellen. Het gaat hem erom God te loven en te prijzen om het feit, dat hij zichzelf en deze wereld in Gods hand mag weten.firmament

Wetenschappers zitten er dus naast, als zij de Bijbelse scheppingsverhalen als achterhaald beschouwen. Ze vatten de creatieve verbeeldingskracht van de bijbelschrijvers niet en missen de boodschap. En gelovigen zitten er dus naast, wanneer zij de scheppingsverhalen voor een getrouwe weergave houden van hoe het een en ander historisch feitelijk gebeurd moet zijn. Zij vatten evenmin de creatieve verbeeldingskracht van de bijbelschrijvers en houden wat als lofprijzing geschreven is voor verslaglegging van historische feiten. De laatsten dwingen ons bijvoorbeeld te kiezen voor Genesis 1 als een historisch verslag en tegen een theorie als de evolutieleer, die daarmee wel volledig in strijd moet zijn. Als je met Psalm 139 mee hebt leren zingen van binnen uit: Ik loof U, die mijn Schepper zijt, die met uw liefde mij geleidt, dan heb je aan je eigen bestaan als bewijs genoeg om te geloven in God als Schepper en ben je in blijde verwondering om wat de wetenschappers aan rijkdom mogen ontdekken. En dan versta je des te meer je verantwoordelijkheid om met het van God gegevene zuinig om te gaan.      

A. Sterrenburg